905 - Niemand van Mijn gewijde bedienaren kan wie dan ook in Mijn Naam veroordelen
Donderdag 5 september 2013

Mijn zeer geliefde dochter, hoe weinig mensen onder hen die in God geloven, of die Mij als de Zoon van God aanvaarden, beminnen Mij werkelijk. Zij zeggen wel dat ze dat doen, maar velen leven niet volgens Mijn Leer. Men kan niet zeggen dat men Mijn liefheeft en vervolgens anderen veroordelen. Men kan niet een andere persoon kwetsen door harde woorden en dan, tegelijkertijd, zeggen dat men Mij bemint.

Wie onder jullie is vrij van zonde? Wie van jullie verheft zich boven Mij en spreekt dan hardvochtig tegen een ander? Jullie zullen nooit in staat zijn te beweren dat jullie in Mijn Naam spreken wanneer jullie iemand anders zwart maken. Dat is een belediging tegenover God en diegenen onder jullie die zo handelen, beledigen Mij. Diegenen onder jullie die slecht spreken over een ander, wanneer jullie zeggen Mij te verdedigen, scheiden zich zelf alleen maar van Mij. Toch geloven jullie dat jullie daden gerechtvaardigd zijn. Wanneer dachten jullie dat Ik zulk een gedrag zou ondersteunen, en waarom geloven jullie dat jullie het recht bezitten, dergelijke dingen te doen?

Wanneer jullie in Mijn dienst staan en dan wrede woorden uitspreken tegen een van Gods kinderen, begaan jullie een zware zonde. Niemand van Mijn gewijde bedienaren kan wie dan ook in Mijn Naam veroordelen.  Jullie mogen dan wel vertrouwd zijn met Mijn Leer – jullie mogen kennis hebben omtrent alles wat in Mijn Vaders Boek staat, maar wanneer jullie iemand anders zwart maken, in Mijn Naam, zal Ik jullie wegjagen.  Het zal veel boete vereisen van jullie kant om terug in Mijn gunst te komen en zelfs dan, totdat jullie Mij gesmeekt hebben om vergeving, zal het nog een lange tijd duren vooraleer jullie in staat zijn om opnieuw voor Mij te komen.

Jullie Jezus