385 - Jezus openbaart details omtrent Zijn Kruisiging
Donderdag 29 maart 2012, 13.15 u.

Mijn innig geliefde dochter, Mijn tijd voor meer lijden zal plaats vinden wanneer Mijn Passie op het kruis zal herdacht worden.

Niemand begrijpt de omvang van Mijn lijden gedurende Mijn kruisiging noch de manier waarop Ik gegeseld werd.

Mijn geseling was het ergste. Ik werd door tien mannen barbaars geslagen en elk stukje van Mijn vlees was kapot.

Het vlees van Mijn rug was afgerukt en Mijn schouderbladen waren zichtbaar.

Ik kon nauwelijks staan en een oog was gekwetst en dichtgezwollen.

Ik kon alleen zien door Mijn linker oog.

Op het moment dat zij Mij voor Pontius Pilatus brachten en een doornenkroon op Mijn hoofd plaatsten, kon Ik amper rechtop staan.

Toen trokken zij Mij de kleren uit alvorens een kort rood kledingstuk over Mijn hoofd te trekken en dan plaatsten zij een palmtak in Mijn rechterhand.

Elke doorn was zo scherp als een naald. Een van die dorens doorstak eveneens Mijn rechteroog zodat Ik nauwelijks in staat was te zien.

Ik verloor zoveel bloed dat Ik braakte en Ik was zo duizelig dat toen Ik Mijn weg naar Calvarië begon, Ik het kruis niet kon vasthouden.

Ik viel zo dikwijls dat het uren duurde voordat Ik de top van de berg bereikte.

Bij elke stap onderweg werd Ik gegeseld en afgeranseld.

Mijn lichaam was bloederig van kop tot teen en overdekt met een dikke zweetlaag tengevolge van een verschroeiende zon.

Enkele keren viel Ik flauw.

Hoe pijnlijk en martelend dit ook was, het meest angstwekkende was de haat die Mij betoond werd, niet enkel door volwassenen langs de weg, maar door jonge kinderen die Mij stampten omdat zij het voorbeeld van hun ouders volgden.

Het geschreeuw dat uit hun mond kwam en de haat waren niets in vergelijking met de angst die zij voor Mij hadden.

Want achter dat alles, waren zij nog altijd niet zeker of Ik nu wel of niet in feite de Messias was die zij al zolang verwachtten.

Daarom was het gemakkelijker om Mij te haten, Mij aan te klagen eerder dan Mij te aanvaarden want dat zou betekend hebben dat zij hun manier van leven hadden moeten veranderen.

Mijn meest hartverscheurende moment was toen Ik op de grond lag op Mijn zijde, na opnieuw in Mijn rug te zijn gestampt, en Mijn geliefde Moeder naar Mij zag kijken.

Zij was overmand door verdriet en moest door twee van Mijn leerlingen ondersteund worden.

Ik kon haar enkel gewaar worden door het ene overblijvende oog maar het zien van haar kwelling kon Ik niet verdragen.

De beschimpingen, het geschreeuw en gebrul van de menigte van honderden kon gevoeld worden van op de grond waarop Ik lag en er waren zeshonderd soldaten nodig om de kruisiging van Mij en zes anderen te organiseren en toezicht te houden.

Ik was het hoofddoel  van hun aandacht en de anderen leden niet zoals Ik leed.

Wanneer Mijn polsen, bij de wortel van Mijn duimen, aan het kruis vastgenageld werden, kon Ik niet langer voelen.

Mijn lichaam was zo toegetakeld en gekneusd dat Ik in shock was geraakt.

Mijn schouders waren ontwricht en Mijn armen waren uit hun gewrichtsholte getrokken.

De ergste lichamelijke schade was aan Mijn lichaam toegebracht voor Ik aan het kruis genageld werd.

Ik liet geen kreet.

Geen protest.

Alleen een fluistering.

Dat maakte Mijn beulen woedend omdat zij een reactie verlangden om hun aandriften te bevredigen.

Ik heb Mij nooit met hen ingelaten want dat te doen zou betekend hebben dat Ik Mij had moeten inlaten met Satan en zijn demonen die hun zielen besmeurden.

Daarom was hun boosaardigheid tegenover Mij zo intens.

Ik hing vijf uren aan het kruis.

De zon was verschroeiend zonder wolken die het branden van Mijn huid konden helpen verminderen.

Van zodra Ik Mijn laatste adem nam, zond Mijn Vader zwarte wolken alsook donder en bliksem.

De storm die plaatsvond was van zo’n angstaanjagende grootte en zo plots, dat Mijn toeschouwers op dat ogenblik achterbleven zonder enige twijfel dat Ik inderdaad de Redder was die door God de Vader was gezonden. 

Ik openbaar dit aan jou, Mijn dochter, als een geschenk aan jou in ruil voor de enorme lijdensdaad die jij aan Mij gegeven hebt.

Zeg aan Mijn kinderen dat Ik Mijn Passie op het Kruis niet betreur.

Wat Ik wel betreur is dat Mijn offer vergeten wordt en dat zo velen ontkennen dat Mijn kruisiging daadwerkelijk plaatsvond.

Velen hebben geen idee hoe zeer Ik heb moeten lijden omdat vele van Mijn apostelen geen getuigen waren van Mijn klim naar de Calvarieberg.

Wat Mij vandaag zo kwetst is dat velen Mij nog altijd ontkennen.

Mijn verzoek aan jullie, Mijn volgelingen, is om niet toe te staan dat Mijn kruisiging verloren gaat.

Ik stierf voor ALLE zonden, met inbegrip van de zonden die vandaag begaan worden.

Ik wil en Ik moet zelfs diegenen redden die Mij ook vandaag nog verloochenen.

Jullie geliefde Verlosser

Jezus Christus