305. Oordeel en vervloek anderen in Mijn naam en je spuwt in Mijn gelaat
Zaterdag 7 januari 2012, 15.40 u.

Mijn zeer geliefde dochter, terwijl Mijn volgelingen onderling blijven bekvechten omtrent de authenticiteit van deze heilige boodschappen van Mij aan de wereld, blijven steeds meer zielen van Mij gescheiden.

Tot diegenen onder jullie die beweren Mij te kennen, wees ervan overtuigd dat jullie liefde voor Mij bewezen moet worden. Het is niet voldoende te zeggen dat jullie Mij beminnen. Jullie moeten eerst jullie naaste liefhebben. Hoe jullie naaste liefhebben? Door hem te behandelen met liefde en respect ongeacht hoezeer hij jullie beledigt.

Wee diegenen die een ander belastert in Mijn naam. Jullie zijn voor Mij verloren. Zonder nederigheid in jullie hart, terwijl jullie een ander oordelen en vervloeken in Mijn naam, spuwen jullie in Mijn gelaat.

Onthoud dat jullie Mij niet vertegenwoordigen wanneer jullie anderen openlijk beledigen en haten.

Toch zijn er velen onder diegenen die zichzelf voordoen als Mijn heilige apostelen die in deze val trappen, voor hen door Satan opgezet met de bedoeling hen te doen struikelen.

Ga weg, zeg Ik. Bid om vergeving. Het ware veel beter dat jullie meer tijd namen om te bidden voor de redding van jullie broeders en zusters.

O hoe verlang Ik ernaar dat die volgelingen die zeggen dat zij in Mijn naam komen, zich zouden gedragen op de manier die Ik hen geleerd heb. Hoe kwetsen zij die arme zielen die hun uiterste best doen om nederig te blijven in Mijn ogen.

Er is een grote nood aan onderscheiding met betrekking tot deze heilige boodschappen die komen van Mijn goddelijke lippen, de laatste van dit soort boodschappen in deze eindtijd. Vorm nooit jullie eigen opinie op basis van een gebrekkig begrip omtrent wie Ik ben en over Mijn leer.

Boven al ben Ik eerst een God van barmhartigheid alvorens Ik kom als Rechter.

Ik bemin jullie allen, maar Ik onderga vandaag dezelfde pijn als die Ik onderging in de Hof van Gethsemani. Ik zal nooit rusten alvorens Ik jullie gered heb van de duivel.  

Elke persoon die beweert dat Ik niet lijd, kent Mij niet.

Om het even wie, die denkt dat hem de autoriteit gegeven is om anderen in Mijn naam te oordelen, bemint Mij niet echt. In plaats daarvan bemint hij zichzelf en is hij vol hoogmoed.

Wie anderen ook maar met de vinger wijst met de bedoeling hen te dwingen in Mij te geloven, heeft eveneens Mijn leer van liefde, nederigheid en geduld, verkeerd begrepen.

Vele welmenende Christenen geloven dat het hun rol is Mijn leer te analyseren en er opnieuw de betekenis van te bepalen. Maar vele van hun analyses zijn gebaseerd op menselijk en logisch redeneren wat weinig inhoud heeft in Mijn Koninkrijk.

Wanneer Ik jullie dringend verzoek om klein te worden in Mijn ogen, dan bedoel Ik zo klein als een kind dat niet betwijfelt. Ik bedoel als een kind dat volledig vertrouwen heeft in zijn vader zonder vrees in zijn hart. Zolang jullie niet klein geworden zijn in Mijn ogen zijn jullie niet geschikt om te spreken in Mijn naam.

Alleen wanneer jullie de nederigheid vinden waarnaar Ik op zoek ben, kunnen jullie Mij helpen zielen te redden.

Jullie leraar

Verlosser van de Mensheid

Jezus Christus